[ home ]
[ volume 2, issue 2, winter 2007 ]
blue-turns-grey
leo van der sterren
Industriële Energie
Zij enkel boeren goed die waarde
representeren voor een ander,
ten koste van een zus of zo bedrag
iets waard zijn voor een ander - waarde
vertegenwoordigen - en nijver
een ding vervaardigen of een dienst
verzorgen voor een derde.
De industrie beraadt zich op de toekomst, nu
de fundamenten onder het bestaan verbrijzeld zijn.
De nieuwe tijdsgeest vergt een nieuwe strategie.
De industrie zet onvoorwaardelijk in
op het fundamentalisme van de stof
maar heeft een noodplan,
een uitwijkhaven, vluchtweg:
verplaatsbare, uitschuifbare, inkrimpbare,
flexibele hoofdstoffen.
Intussen orthodox kapitalisme, ongezouten
zuiver in de leer. Materie telt
en anders niets. De rest is
ironie op ironie op ironie
als in een warrig spiegellabyrint.
Homo ironicus blaakt van ijver en
beijvert zich om zijn producten
gefaseerd op de markt te brengen.
En langzaam en zeker,
zo luidt de leus
Expansie van de nijverheid.
Industriële usurpatie
maar steelsgewijs, tersluiks.
Langs lijnen van geleidelijkheid.
Industrie en staat
niet meer gescheiden.
De vestiging der ironocratie.
Partikel
De nachtelijke hemel na de zware storm
wordt licht. O man, wanneer gij mij dan moet verstrooien,
zo sta mij bij. De reis ging van het Benidorm
van thans langs middellandse kusten naar het Troje
van vroeger. Wij, de neus genietend van de geur,
aroma van die huis- en tuin- en keukendingen,
die iets in de geest losmaken, te kust en keur,
een soort déja-senti's, herinneringen.
Lianenlanger liepen wij de lanen af.
Vind nog maar eens zo'n zon, zo'n schijnen, zo gedreven.
De insulindige fragmenten, koren, kaf.
Omwegen maken en lavendellanger leven.
De nachtelijke hemel na de zware storm.
Het zwerk, ontnuchterend, nuttigt goede nutriënten.
Ik adem, rustig na de reis nu, naar de norm.
Gemoed is waterpas, heel even leven lijkt op lente.
♦ Leo van der Sterren (1959) is werkzaam als projectleider
logistiek in een onderneming op het gebied van de mechatronica.
Hij publiceerde gedichten en verhalen in 'Maatstaf', 'Optima',
'De Tweede Ronde', 'Letterlik' en 'Op Ruwe Planken'. Daarnaast
publiceerde hij opstellen over Engelstalige literatuur van
rond 1800 in 'Hollands Maandblad' en 'De Parelduiker'.
♦ website:
www.daidallein.nl