[ home ]
[ volume 3, issue 1, spring 2008 ]
blue-turns-grey
maurice buehler
1,2&3
Gedachteloos wacht geduldig
weet hoe rond het middaguur
alle vogels het luchtruim verlaten
hun veren zelfs niet schikken in
de stad ze schudt nog even
helder weer als bij haar eerste
beving alle vage contouren
haar platte daken af stijgt dan
verrassend snel en laat geen
mens onder golfplaat achter
woord voor wat overbleef
op ooghoogte tot net iets
daarboven trok blokvormig
op lagen rode aarde over.
Cichorei
Ik mag je de goede
zeden van mooie meisjes lenen
je naar genoegen op je hoofd zien staan
je voor de hik
de fles met water geven
zolang het duurt hou jij je kleren aan
ik breek geen ei op nep
mag glad van grote platte stenen
voor late vruchten vlezig
jij draait uit stroef wat schroeven los
aan lieve woorden
hou ik gebarsten kopjes over.
Zoals twee vissers
Zoals twee vissers determineert
dit liggen drukt met kuilen in lager
lager
Zwaar van amen
zoals een visser ligt
lek met woorden dicht
purist
verkeert weer in de ban hangt het
mager de lange oliejas omarmen:
Hoe moe opoe
pompt de norton
o hoe moe opoe dan
Hoe moe opoe
pompt de norton
o hoe moe opoe dan
Hoe moe opoe
pompt de norton
o hoe moe opoe dan
Hoe moe opoe
pompt de norton
o hoe moe opoe dan
Hoe moe opoe
pompt de norton
pomp de norton dan!
♦ Maurice Buehler (1978) is dichter. Zijn debuutbundel
'Grasaap te water' verscheen in 2004 bij uitgeverij 'Contact'.
'Door het oog van de os' (2008) is zijn tweede.
♦ website:
www.mauricebuehler.nl