[ home ]
[ volume 3, issue 1, spring 2008 ]
blue-turns-grey
david troch
en op een poster
ze bewegen vingers, centraliseren de halve aarde
plat. met geloken ogen kijken ze toe hoe één man
de wereld redt: heldhaftig stapt hij door eender
welk vuur, verteert de gespeelde koele blik. het
wordt warm in de hoek van de kamer, het bed heeft
geen lakens meer. er wordt wat afgezweet, er komt
leven in het kunstmatig lachje van pluchen beren.
ze willen, straks verlangen ze de onschuld weer.
rode henna in het haar
jou noem ik meisje. er past rode henna
in je haar. en als ook mijn vingers mogen.
strelen, hoofdhuid masseren. we hebben
elk een mond, we kunnen onszelf ertoe
bewegen. omdat naakt ons dichter brengt,
een webcam ook niet alles zegt. het hoeft
niet stil in huis te blijven. de douche heeft
water en zoveel nood aan ons. je weet het,
er is verlangen, er is iets met een muur.
in de mode
ze vraagt het niet eens half of ik deel haar al
op in kwartjes. lapjes lichaam. ze weet niet hoe
naakt naakt is, dat een man geen grens trekt, dat
geen pad recht is. kronkelen en slingeren zal ze.
ze zit zo met een opgeschoven rokje, ze heeft in
geen tijd geen kniehoge laarzen meer aan. wat is
de kleur van het slipje om haar meisjesbillen en
welke fantasietjes sieren haar bh? ze is niet te
weerstaan, daagt uit door gewoon voorbij te gaan
het is denkbeeldig dat ze de regels van het spel
kent. ze moet leren met mondjesmaat, het hoofd
niet buigen over de levensvraag hoe dood ze wil.
meisjes
wij gaan naar de meisjes, de meisjes komen niet
naar ons. zij draaien rond als gemakkelijke
prooien, het zijn steeds wij die al snel om hun
vingers liggen. wij zijn pijnlijk kwetsbaar zo
piemelnaakt en kaal, schaamteloos kleden zij
zich uit waar we bij staan. wij houden niets
voor hen verborgen, zij blijven onbewogen.
leeggeschud gaan wij weer weg en blijven bij
hen achter. stelletje klootzakken dat we zijn.
♦ David Troch (Bonheiden 1977) heeft wel eens een
hekel aan hoofdletters; won o.a. de 'Gerard Vermeersch-prijs'
voor monologen; publiceert binnenkort in 'Poëziekrant' en
publiceerde o.a. in 'Snoecks', 'NRC Handelsblad', 'Straal', 'De
Brakke Hond', 'Schoon Schip', 'Op Ruwe Planken' en in de Amerikaanse
bloemlezing 'A Generation Defining Itself'; bracht 'Tot de sterren
gericht', 'Liefde is een stinkdier, maar de geur went wel' en 'Ontkroond'
op papier en o.a. 'Een doosje dolle dialogen' op podiumplanken; werkt
mee aan 'Meander' en is redactielid van 'Gierik & Nieuw Vlaams
Tijdschrift'.
♦ website:
www.davidtroch.be