[ home ]
[ volume 3, issue 2, summer 2008 ]
blue-turns-grey
leo delfgaauw
Oogcontact
Oogcontact is het moment dat het oog ziet dat het gezien wordt. Het is een kruisen van blikrichtingen en peilen van intenties. Stille communicatie en inschatting van bedoeling en betekenis. Het zien dat je gezien wordt, verontrust en verwart doordat de eigen waarneming reflecteert in de blikken van de ander. Oogcontact is het kortstondige spiegelbeeld van de eenzaamheid. Juist door de zichtbare aanwezigheid van de ander wordt de vertwijfeling het sterkst gevoeld. Maakt dit het portret in de kunst zo fascinerend? De raadselachtige registratie van 'de ander'. De uniciteit van de geportretteerde die zich weerspiegelt in een onderzoekend zelfbeeld.
Zes kunstenaars die op mijn verzoek hun blikken delen: Dirk Braeckman, Florette Dijkstra, Loek Grootjans, Stefanie Ottens, Vittorio Roerade en Elly Strik. Telkens een tastend kijken en een zien van de ander als een raadselachtig spiegelbeeld.
Dirk Braeckman betrapt in het duister momenten van licht. Hij richt zijn blikken op de intimiteit van het donker; een lichtreflectie, een morsig detail of een afgewend gelaat. Momenten die meestal niet gezien worden. Die het oogcontact vermijden en onze blikken weerkaatsen als een zwarte spiegel.
Florette Dijkstra ziet haar spiegelbeeld in het beeld van de ander. De vrouw met wie zij zich verwant voelt, die nabijheid en gemis in zich verenigt. Het is een beeld van herinnering, schoonheid en verlangen. Met haar lege blik verhult ze haar identiteit en is ze voor altijd opgesloten in haar eenzaam bestaan.
Als een terrorist is Loek Grootjans de schilderkunst te lijf gegaan. Vanuit het diepe donker waarin hij zich gedurende een maand had opgesloten, heeft hij het zicht herwonnen en de monochromie volbracht. Zijn atelier volledig leeg geschilderd. Klaar, einde, uit. Wat rest na het opruimen van de laatste verfresten, is het denken over het schilderen. De schilderkunst is dood, leve de schilderkunst!
Voor Stefanie Ottens is de kunst nog jong en springlevend. Een ontkiemend kijken. Met een uitdrukking van stille verwondering en lichte naïviteit lijken de starende ogen op te gaan in een woekering van vormen en groeisels. Het onschuldige oogcontact krijgt daarmee een vervreemdende dreiging. Is dit het fatale oogcontact met Medusa?
De gedeformeerde tronies van Vittorio Roerade ogen niet afstotend maar meer lief en zachtmoedig. Ze zijn zich van geen kwaad bewust. Hun vreemde fysionomie met verdwaalde lichaamsdelen is niet verontrustend en hun verbaasde blik doet vermoeden dat wat zij zien erger is dan wat wij zien.
De holle ogen in het portret dat Elly Strik van James Ensor maakte, verraden dat het uiteindelijk de dood is die we in het gezicht kijken. We wandelen langzaam op hem af. En als een octopus neemt hij ons in zijn tentakels. Onontkoombaar. Het laatste oogcontact als een eeuwig durend afscheid.
Leo Delfgaauw, juni 2008
♦ Leo Delfgaauw (Amsterdam 1956) was in het verleden
bij diverse organisaties (gast)docent of (gast)conservator en
werkt momenteel als teamleider autonome beeldende kunst
aan de
Academie Minerva
en als hoofd
Frank Mohr Instituut,
Hanzehogeschool Groningen.